Terug
AARDAPPELEN - Luizen opnieuw onder de loep
Volgende
GRAAN - 'Alle belangrijke onkruiden in één keer weg'
sluiten

Akkerbouw Koerier februari 2021

'Bietentelers hebben geleerd van 2019'

,,De schade door vergelingziekte is het afgelopen seizoen veel minder geweest dan het jaar ervoor. Veel bietentelers hebben toen leergeld betaald en waren daarom veel alerter op luizen.'' Dat zegt Jan Dingemans, technisch adviseur bij Theunisse BV in Steenbergen (N-Br.). Voor komend seizoen blijven wat hem betreft dezelfde adviezen van kracht: controleer bieten vroegtijdig op luizen, hou de schadedrempels in de gaten en voer op tijd een bestrijding uit.

Jan Dingemans is technisch adviseur bij Theunisse BV in Steenbergen (N-Br.).

,,Het afgelopen jaar is het hier gelukkig allemaal erg meegevallen'', zegt Jan Dingemans wanneer het onderwerp vergelingsziekte in bieten ter sprake komt. ,,Als je het vergelijkt met 2019 dan is er heel veel minder schade geweest in ons werkgebied – West-Brabant, Tholen en Schouwen-Duiveland. En dat is toch wel opmerkelijk, als je bedenkt dat de luisdruk het afgelopen jaar nóg hoger was dan in 2019. Wat dat betreft hebben telers echt wel geleerd van dat rampjaar.''  Dingemans kan zich nog goed voor de geest halen hoe zwaar sommige percelen waren aangetast. ,,Ik heb percelen gezien die voor minimaal 30 procent geel waren. Daarmee lever je al gauw een procent suiker en 5 tot 10 ton opbrengst in. Met de huidige bietenprijs schiet er dan niet veel meer over.''

Vooral jonge boeren 'overvallen' door luizen

Volgens de adviseur zijn vooral de wat jongere boeren 'overvallen' door de luizen (en het virus). ,,De jonge generatie is opgegroeid met behandeld bietenzaad en heeft zich nooit druk hoeven maken over luizen in bieten. De neonic's deden hun werk altijd; dan is het wel even omschakelen wanneer je zo vroeg in het voorjaar al tegen luis moet spuiten.'' Ook het feit dat de bietenplantjes bij een eerste bespuiting soms amper twee blaadjes hebben – en er dus heel veel middel op de kale grond terechtkomt, stuitte nogal wat telers tegen de borst ,,Velen hebben toen gewacht tot de planten iets groter waren; die telers hebben helaas vaak de grootste schade gehad.''  Nog een 'leermoment' was dat er aanvankelijk nog veel met (goedkope) pyrethroïden is gespoten om bietenkevers en aardvlooien te bestrijden. Hiermee zijn echter ook de natuurlijke vijanden van luizen weggespoten, waardoor de schade door vergelingsvirus extra hoog is geweest.

Alle beschikbare middelen nodig

Afgelopen seizoen waren de luizen er nog eerder dan in 2019 en was de luisdruk ook nog een veel hoger. Dingemans laat foto's zien – gedateerd op 24 april – waarop bieten met amper echte blaadjes

toch al flink onder de bladluis zit. ,,Ik loop al bijna vijftig jaar mee in dit vak, maar zo vroeg en zo massaal heb ik het nooit meegemaakt.'' Volgens de adviseur hebben telers (nu wel) alert en snel gereageerd op op de hoge luisdruk. Behalve dat er meer is gelet op de waarschuwingsdienst van het IRS, zijn telers en adviseurs ook veel meer door de knieën gegaan om luizen te zoeken. Dingemans: ,,Vooral op de vroeg gezaaide percelen was het meteen alle hens aan dek. Als je daar één luis vond, dan kon je er vanuit gaan dat de schadedrempel van twee groene perzikbladluizen per tien planten vrijwel zeker overschreden werd en dat je meteen een bespuiting uit moest voeren. Sommige telers hebben wel vier keer moeten spuiten om de luizen onder controle te houden.''

Volgens Dingemans zijn dan ook alle beschikbare middelen nodig om luizen afdoende te kunnen bestrijden. Voor komend seizoen zijn dat Teppeki® en – als er opnieuw een ontheffing wordt verleend – Closer® en Batavia. Teppeki en Closer mogen maar één keer per seizoen worden toegepast en Batavia twee keer. Bij een hoge luisdruk, zoals afgelopen seizoen, kan het zijn dat we al deze vier toepassingen heel hard nodig hebben.''

Zorgen over opslagbieten

Voor komend seizoen maakt Dingemans zich vooral zorgen over de bietenresten die op veel percelen zijn achtergebleven. Luizen kunnen gemakkelijk overleven op deze opslagbieten, zéker wanneer de winter opnieuw zacht blijft. Ook de opkomst van niet kerende grondbewerking (NKG) – waardoor meer gewasresten op het land blijven liggen – en de toename van groenbemesters die de winter over blijven staan, kunnen een prettige schuilplaats bieden voor luizen. ,,Er zijn goede redenen om NKG toe te passen en groenbemesters lang te laten staan. Maar het helpt niet mee om de luisdruk laag te houden. Het is daarom lastig om hierin te adviseren; iedere teler moet hier toch zelf een afweging in maken'', aldus Dingemans.

Nog een zorgelijke ontwikkeling vindt hij de alsmaar toenemende eisen rondom driftreductie. ,,Op dit moment kunnen de meeste middelen nog met 90 procent driftreducerende spuitdoppen worden toegepast. Maar de kans is groot dat we binnen twee, drie jaar naar minimaal 95 procent driftreductie moeten. Behalve dat de luisbestrijding daardoor moeilijker wordt – want hoe grover de druppel, hoe kleiner de kans dat alle luizen worden geraakt – vergt het ook weer extra investeringen van de telers.''

Bietenvergelingsziekte wordt veroorzaakt door luizen die het bietenvergelingsvirus overdragen. Er zijn drie soorten: BYV (sterk vergelingsvirus), BMYV (zwak vergelingsvirus) en BChV (bietenchlorosevirus). Alle drie zorgen voor vergeling van het blad.

Vroege controle cruciaal

Gevraagd naar een laatste tip voor 2021 raadt Dingemans aan om wederom vroegtijdig op luizen te controleren – en dan vooral op luwe plekken en in de buurt van bosschages, waar vaak het eerste luizen worden gevonden. ,,Op tijd controleren en signaleren is cruciaal om de luizen de rest van het seizoen onder controle te houden. Elke teler weet dat ondertussen wel, maar je moet het uiteindelijk wel dóen.''

+Colofon