Terug
AARDAPPELEN - Propulse van 2 naar maximaal 3 toepassingen
Volgende
BIETEN - Opnieuw vrijstelling voor Batavia in bieten
sluiten

Akkerbouw Koerier Mei 2022

AARDAPPELEN - 'Extra middel voor luisbestrijding meer dan welkom'

,,Onze middelenkoffer moet niet leger, maar juist voller worden om ziekten en plagen effectief en duurzaam te kunnen bestrijden’’, zegt Peter Berghuis in Kloosterburen (Gr.). Als voorzitter van de werkgroep pootaardappelen van LTO – en ook als pootgoedteler - is hij erop gebrand om belangrijke middelen ‘binnenboord’ te houden en waar mogelijk nieuwe middelen aan de teelt toe te voegen. De recente toelating van Sivanto Prime als luisdoder in pootaardappelen ziet hij dan ook als een mooie aanwinst voor de sector.

Peter Berghuis heeft samen met zijn broer Kor een akkerbouwbedrijf in Kloosterburen (Gr.). Op een areaal van 80 hectare verbouwen ze pootaardappelen, suikerbieten, uien en wintertarwe. De focus van het bedrijf ligt op de pootgoedteelt, en dan met name hoogwaardig stammen en S-materiaal.

Het is de laatste dag van april. Peter en Kor Berghuis hebben zojuist de laatste aardappelen van het seizoen gepoot. ,,Morgen moeten we alleen nog wat hoogwaardige stammen uitzetten met de pootlorrie en dan zijn we helemaal klaar’’, vertelt Peter tijdens een kop koffie aan de keukentafel. De pootgoedteelt – en dan met name de teelt van stammen en S-materiaal – is voor de broers Berghuis de spreekwoordelijke kurk waarop het bedrijf drijft. Ze telen tien verschillende rassen, waarvan er acht bestemd zijn voor Agrico en twee voor Royal ZAP/Semagri. Behalve bekende rassen als Spunta, Fontane en Agata, worden er ook een aantal nieuwelingen geteeld – die deels nog onder nummer liggen. ,,En mooie mix van vertrouwde en nieuwe rassen’’, vindt Peter. ,,Dat biedt ons zowel enige zekerheid alsook de nodige uitdaging. Die combinatie past ons denk ik het beste.’’

Passie voor pootaardappelen

De passie voor pootaardappelen - die volgens Peter al generaties in de familie zit - neemt hij ook graag mee in zijn functie als voorzitter van de werkgroep pootaardappelen van LTO. ,,Feitelijk wijkt het belang van mijn collega-pootgoedtelers nauwelijks af van mijn eigen belang als pootgoedteler – zéker wanneer het om beleidsmatige zaken gaat. We willen allemaal ruimte om te kunnen ondernemen, met zo min mogelijk regels en beperkingen. En ook belangrijk: áls er nieuwe regels komen, dan moeten die op feiten gestoeld zijn én haalbaar én werkbaar zijn voor de praktijk. Vooral voor dat laatste moeten we ons als werkgroep steeds meer inspannen. Bij beleidsmakers is steeds minder kennis van de akkerbouw aanwezig – en dus ook niet van de praktische gevolgen van nieuw beleid. Met onze vakgroep hebben we er ondertussen een flinke kluif aan om dat telkens weer helder en inzichtelijk te maken.’’ 

Sinds 2016 is Berghuis ook voorzitter van de LTO-werkgroep pootaardappelen.

Hoewel de zaai- en pootwerkzaamheden dit jaar redelijk vlot zijn verlopen, maakt Berghuis zich onderhand wel wat zorgen over het aanhoudende droge weer. ,,De uien staan op doorkomen, maar worden behoorlijk gehinderd door de harde bovenlaag. Ik ben benieuwd of ze de komende weken allemaal door die korst heen kunnen komen.’’ 
Daarnaast is hij ook niet helemaal gerust op de vroege luisdruk. ,,In het Zuidwesten zijn de eerste perzikluizen in bieten alweer gevonden. Dat is meestal een teken dat ze ook in pootaardappelen eraan zitten te komen. Tel daarbij op dat we deze winter amper vorst hebben gehad en dat de droogte voorlopig aan lijkt te houden. Als de temperatuur straks nog wat verder omhoog gaat, zullen we meteen scherp moeten zijn.’’ 

 

Dat de Noordelijke pootgoedtelers wat meer respijt hebben vanwege aanlandige wind en een wat frisser klimaat is volgens Berghuis een riskante aanname. ,,Het klopt dat we hier in het Noorden vaak wat lagere besmettingscijfers kunnen overleggen dan elders in Nederland, maar dat verschil wordt wel steeds kleiner. Afgelopen seizoen was er zelfs geen of bijna geen verschil in verlagingen of afkeuringen. Hoe dat komt weten we niet precies, maar het geeft wel aan dat we ook hier aan de kust op tijd moeten beginnen met de virusbestrijding’’, zo waarschuwt hij. 
Als ‘mogelijke meevaller’ draagt Berghuis aan dat de meeste pootgoedtelers het afgelopen jaar wel goed hebben kunnen selecteren en dat de nacontrole gemiddeld genomen ook minder tegenvallers heeft opgeleverd dan in voorgaande jaren. ,,Misschien beginnen we daardoor wat schoner, met minder secundaire besmettingen.’’
 

Op tijd starten met virusbestrijding

Om virusbesmetting te voorkomen hanteert Berghuis vanaf opkomst een straf regime met minerale olie. Daarbij worden de twee opties – Olie-H® en Kompaan® – om en om afgewisseld. Hoewel het standaardadvies één keer 7 l/ha olie in zeven dagen is, kiest de pootgoedteler regelmatig voor een kortere interval van 4 dagen (met 4 l/ha). ,,Zeker bij een snelle begingroei is een zo sluitend mogelijke bedekking met olie essentieel. Met een korter interval – en een daarop aangepaste dosering – kun je een belangrijk verschil maken voor de rest van het seizoen’’, zo is zijn overtuiging.

Na de eerste selectieronde wordt aan de hand van de luisdruk bekeken wanneer er een luisdodend middel wordt toegepast. Behalve Gazelle® en Antilop® is daarvoor nu ook Sivanto Prime beschikbaar – een vloeibaar middel op basis van de nieuwe werkzame stof flupyradifurone. Berghuis vertelt dat hij als LTO werkgroep-voorzitter enig ‘masseerwerk’ heeft uitgevoerd om het middel toegelaten te krijgen. ,,Bayer heeft ons vorig jaar gevraagd om de praktische waarde en het belang van Sivanto Prime voor de pootgoedsector toe te lichten bij onder meer de NVWA en het ministerie van LNV. Dat ging bepaald niet zonder slag of stoot. Vooral de vraag: ‘Waarom moet dit middel er persé komen? Er zijn toch nog alternatieven beschikbaar om luis in aardappelen te bestrijden?’ was lastig te beantwoorden. Uiteindelijk is het toch gelukt om Sivanto Prime toegelaten te krijgen. Naast het punt dat Sivanto Prime veilig is voor de meeste nuttige insecten, heeft ook het onderscheidende werkingsmechanisme van het middel – waardoor resistentievorming minder kans krijgt - vermoedelijk flink geholpen om de toelating rond te krijgen’’, zo blikt Berghuis terug.

‘Koffer met middelen weer even wat groter’

Hoewel Sivanto Prime zeker een plek zal krijgen binnen de luisbestrijding in pootgoed, is Berghuis er nog niet uit waar deze het beste gepositioneerd kan worden. ,,Sivanto Prime mag toegepast worden vanaf begin bodembedekking. Dat is ongeveer hetzelfde tijdstip als Gazelle en Antilope. Omdat Sivanto Prime een zeer snelle beginwerking heeft, zou toepassing aan het begin van het seizoen logisch zijn. Maar als afwisselpartner tussen Gazelle en Antilope in zou het middel ook goed passen’’, zo denkt hij alvast vooruit.

Belangrijk voor Berghuis is dat de ‘koffer met middelen’ weer even wat groter is geworden. ,,Met een grote uittocht van gewasbeschermingsmiddelen in het verschiet, is de komst van Sivanto Prime toch een mooie opsteker. En ook belangrijk: het gaat om een reguliere toelating, waar we niet – zoals met de jaarlijkse vrijstellingen – elke keer opnieuw aan hoeven te trekken.’’

In een wat breder perspectief kan de toelating ook worden gezien als een extra hulpmiddel voor pootgoedtelers om hoogwaardig uitgangsmateriaal te kunnen blijven telen. Berghuis: ,,De exporteisen voor pootaardappelen worden steeds strenger. Bovendien vragen afnemers steeds hogere klassen en verschuiven we daardoor steeds meer van klasse A naar klasse E. Om aan die vraag te kunnen voldoen moeten we de luizen met grote zekerheid onder controle kunnen houden. Met Sivanto Prime erbij is die zekerheid in ieder geval weer wat beter gewaarborgd. Wat ons betreft is het middel dus meer dan welkom.’’

 

 

Olie-H®, Kompaan®, Gazelle® en Antilop® zijn geregistreerde handelsmerken van Certis Europe

+Colofon