Producten

Producten

Herbicide Challenge®

Toepassingsvoorwaarden

Om in het water levende organismen te beschermen is toepassing op precelen die grenzen aan oppervlaktewater uitsluitend toegestaan indien op het gehele perceel gebruik wordt gemaakt van:

a) een techniek uit tenminste klasse DRT95 in combinatie met de volgende teeltvrije zones (gemeten vanaf het midden van de laatste gewasrij of de laatste plant in de rij tot aan de insteek van de sloot:

 

Toepassingsgebied Teeltvrije zone 
 Zonnebloem en aardappel  1 m
 Droog te oogsten erwten, veldboon en doperwt (=conservenerwt), knolselderij  0,5 m
 Knolselderij  0,5 m

 of

b) een techniek uit tenminste de klasse DRT90 in combinatie met de volgende teeltvrije zones gemeten vanaf het midden van de laatste gewasrij of de laatste plant in de rij tot aan de insteek van de sloot:

 

Toepassingsgebied Dosering middel  Teeltvrije zone 
Zonnebloem en aardappel  2 l/ha  1,5 m
   3 l/ha  3 m
Droog te oogsten erwten, veldboon en doperwt (= conservenerwt)  2 l/ha  1 m

 3 l/ha  3 m
Knolselderij   1 l/ha
 0,75 m
 Wortelen  1 + 1,5 l/ha of 1,5 l/ha
 2,50 m
 Wortelen 1 l/ha
 1,50 m

Bij droog te oogsten erwten, veldboon, doperwt (conservenerwten) en wortelen is het optreden van enige gewasreactie in de vorm van enige geelverkleuring en groeiremming niet geheel uitgesloten.
Bij uitwinteren kunnen in het voorjaar alle gewassen zonder bezwaar worden gezaaid of geplant, mits tevoren een grondbewerking wordt uitgevoerd.

De gewassen bieten, blauwmaanzaad, witlof, koolsoorten, bloembollen en fruitgewassen zijn zeer gevoelig voor de stof aclonifen. Met deze gewassen in de directe nabijheid dient bij bespuiting van het te behandelen perceel elke mate van drift naar genoemde gewassen te worden vermeden.

Voorkom naast drift ook verstuiving naar gevoelige gewassen.

De toepassing van Challenge in aardappelen kan resulteren in tijdelijke geelverkleuring van het loof. Aangezien lichte geelverkleuring gelijkenis kan vertonen met symptomen van virusinfectie kan de toepassing van Challenge in pootaardappelen selectiewerk bemoeilijken.
Overige bijzonderheden
Voorkomen emissie
Om emissie naar grond- en oppervlaktewater te voorkomen, adviseert Bayer Crop Science om machines waarmee gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast overdekt te stallen en te reinigen op een was- en spoelplaats met een opvangmogelijkheid voor verontreinigde vloeistoffen. Verwerk was- en spoelwater en eventuele restvloeistoffen die niet over het laatst bespoten perceel kunnen worden uitgereden in een Phytobac® (of gelijkwaardige methode) om onnodige milieubelasting te voorkomen.
Raadpleeg de Toolbox Emissiebeperking voor meer informatie over alle vormen van emissies naar oppervlaktewater, zoals ondermeer ook afspoeling en hoe deze te beperken.
Veiligheidsaanbevelingen bij herbetreding
Na een gewasbehandeling uitsluitend herbetreden nadat de spuitvloeistof is opgedroogd. Werkzaamheden kunnen vervolgens worden uitgevoerd zonder gebruik van beschermende maatregelen
H&P zinnen
Bevat aclonifen en 1,2-benzisothiazool-3(@H)-on.. Kan een allergische reactie veroorzaken.
Volg de gebruiksaanwijzing om gevaar voor de menselijke gezondheid en het milieu te voorkomen.
H351:
Verdacht van het veroorzaken van kanker.
H410:
Zeer giftig voor in het water levende organismen, met langdurige gevolgen.
P280:

Draag beschermende handschoenen/ beschermende kleding/ oogbescherming/ gelaatsbescherming.

P308+P313:
Na (mogelijke) blootstelling: een arts raadplegen
P501:
Inhoud/verpakking afvoeren naar inzamel punt voor gevaarlijk of bijzonder afval. Zie AgriRecover
Zorg ervoor dat u met het product of zijn verpakking geen water verontreinigt.