Ustilago maydis
Maisbuilenbrand
De ziekteverwekker van maisbuilenbrand is een zeer gespecialiseerde parasiet, die in Europa alleen mais aantast.
Ziektebeeld
Op de stengels, bladeren, kolven en pluimen ontstaan blaasachtige, eerst door een zilvergrijs vliesje bedekte, parelkettingachtig gerangschikte gallen. De eerste symptomen kunnen al in het 4-5-bladstadium zichtbaar worden. In de gallen vormen zich eerst vettig-vochtige, later stuivende zwartbruine sporen. Bij sterke en vroege aantasting zijn de bladeren bolvormig vervormd en sterft de plant af. Sterke aantasting van de pluim en het laatste lid van de stengel hebben een negatief effect op de kolfvorming. De brandsporen kunnen maximaal 6-10 jaar in de bodem overleven.
Relevantie
Maisbuilenbrand komt in alle teeltgebieden voor; de economische betekenis van de ziekte verschilt echter sterk van jaar tot jaar. Aanzienlijke schade ontstaat, wanneer de kolven gedeeltelijk of volledig in brandbuilen veranderd zijn, omdat niet alleen plantenmassa, maar ook het waardebepalende bestanddeel voor diervoeders vernietigd is. Tot nu toe is echter nog geen negatief effect van een gehalte brandbuilen in kuilvoer op de gezondheid van runderen vastgesteld.