In de nieuwe rubriek In bedrijf laten we ondernemers aan het woord die actief zijn in de (uitvoerende) gewasbescherming. Dat kunnen loonbedrijven en loonspuitbedrijven zijn, maar ook zzp-ers die zich op een specifieke toepassing of gewas richten. Hoe kijken zij naar de ontwikkelingen binnen de gewasbescherming? Hoe anticiperen zij daarop met hun bedrijf? En vooral: hoe zien zij de toekomst van de gewasbescherming? In deze aflevering: Ruud Mantingh van akkerbouw- en loonbedrijf Mantingh uit Valthermond (Dr.).
Drie jaar geleden was loonbedrijf Mantingh uit Valthermond (Dr.) een van de eersten die met een spotsprayer (Ecorobotix) aan de slag ging. Nu, drie seizoenen en een kleine 1000 hectare verder, zet Ruud Mantingh zijn ervaringen op een rij. Hoewel hij de spotsprayer als een waardevolle aanwinst ziet, blijft de machine voorlopig een aanvulling op de reguliere veldspuit. ,,Onze spotsprayer wordt vaak als noodmaatregel ingezet op zeer vuile bieten- en uienpercelen. Het ene jaar wordt hij daardoor meer gebruikt dan het andere. Dat maakt het voor ons als loonwerker lastig om de machine rendabel te krijgen.’’

Ruud Mantingh heeft samen met zijn broer Henk en vader Albert een akkerbouw- en loonbedrijf in Valthermond (Dr.). Het akkerbouwbedrijf omvat ca. 100 hectare; zetmeelaardappelen, suikerbieten en graan zijn de belangrijkste gewassen. Het loonbedrijf heeft zich onder meer gespecialiseerd in balen persen (stro & hooi), looftrekken (pootaardappelen) en aardappelen en bieten rooien. Ook heeft het bedrijf een spotsprayer, met name voor loonwerk.
‘Een zeer boeiende, innovatieve techniek waar we heel veel van geleerd hebben’. Ruud Mantingh wil het graag nog een keer gezegd hebben voordat zijn ervaringen met de spotsprayer (Ecorobotix) aan bod komen. Tegelijkertijd steekt hij niet onder stoelen of banken dat er best wel wat haken en ogen aan de machine zitten. ,,Zéker in het eerste jaar was het behoorlijk pionieren en zijn er genoeg dingen mis gegaan’’, zo wil hij best erkennen. Toch zou hij de spotsprayer niet willen missen. ,,Linksom of rechtsom heeft deze techniek toekomst. Is het niet uit het oogpunt van duurzaamheid, dan wel vanwege het feit dat je alleen de onkruiden bestrijdt en de gewassen niet plaagt. Precisie-bespuitingen worden de norm en daar moet je in mee, zéker als loonwerker.’’
Van pionieren naar praktijk
Drie jaar geleden was Mantingh een van de eerste bedrijven die met een spotsprayer aan de slag ging. ,,Vanuit school kenden we de mannen die de machine hebben ontwikkeld (Doorgrond, red.). Daar zijn we toen samen mee opgetrokken richting de introductie op ons bedrijf. Vooral in het eerste jaar hebben zij veel voorbereidend werk gedaan en hebben we veel tijd op het veld doorgebracht; dat was echt een pioniersfase’’ , zo blikt Ruud terug. Hoewel de vergelijking qua machines misschien niet helemaal opgaat, is de spotsprayer destijds grotendeels ter vervanging van de kappenspuit aangeschaft. ,,Daar hadden we elk jaar behoorlijk wat werk mee, met name om aardappelslag en lastige onkruiden zoals bijvoet mee te bestrijden. De spotsprayer heeft dat werk vrijwel helemaal overgenomen.’’
De afgelopen drie jaren zijn er volgens Mantingh veel zaken verbeterd. De belangrijkste is dat de algoritmes (voor herkenning van onkruiden) nu completer zijn dan in de eerste twee jaren. Ook is er veel meer kennis rondom de doseringen van middelen en de effecten daarvan op de onkruiden. ,,Verder hebben we de nodige kennis uitgewisseld met vijf grote akkerbouwers in de omgeving die ook met een spotsprayer werken. Ook dat heeft ons geholpen, vooral over hoe we de machine optimaal kunnen inzetten.’’
‘Te vaak als laatste redmiddel’
De afgelopen drie seizoenen heeft de spotsprayer jaarlijks zo’n 300 tot 400 hectare gedraaid. ,,Het ene jaar wat meer in vervuilde bieten- of uienpercelen, het andere jaar wat meer tegen aardappelopslag.’’ Mantingh erkent dat de machine daarmee ‘net aan’ rendabel is voor het bedrijf. Knelpunt is vooral dat de spotsprayer wordt ingezet als laatste redmiddel om problemen met onkruiden op te lossen. Behalve dat het daarmee vaak een kwestie is van hollen óf stilstaan, merkt de loonwerker ook dat de verwachtingen van de machine soms te hoog zijn. ,,Hoewel de spotsprayer prima werk aflevert, mag je op zwaar vervuilde percelen gewoon niet altijd het perfecte resultaat verwachten. Dat is domweg niet reëel, met geen enkele machine, maar klanten verwachten dat soms wél.’’ Veel beter zou zijn dat de spotsprayer wat eerder en ook structureler een plek krijgt in de onkruidbestrijding van bieten en uien. ,,Dan kun je op tijden komen waarop de machine op z’n best is: elk onkruidje individueel aanstippen met Roundup of een ander middel. Lastige onkruiden zoals bijvoorbeeld kamille in uien kun je dan ook veel beter de baas.’’

De Spotsprayer (Ecorobtix ARA) staat vorstvrij in de schuur, maar voor alle zekerheid giet Mantingh toch wat antivries in de tanks.
Rekening houden met capaciteit
Nog een factor om rekening mee te houden is dat de spotsprayer niet dezelfde capaciteit heeft als een veldspuit. Ruud: ,,In een tijdsbestek van 12 uur kunnen we – onder goede veldomstandigheden - ongeveer 20 hectare halen. Maar dan mogen de onkruiden niet zo groot zijn dat je ze vrijwel volvelds moet spuiten. In dat geval kun je beter meteen de veldspuit pakken, temeer je met de dosering voor de spotsprayer dan zodanig omhoog moet dat dit eigenlijk geen zin meer heeft of wettelijk zelfs niet mag. Corrigeren met een spotsprayer kan dus tot op zekere hoogte; maar staat het veld dicht met onkruid, dan heb je meer aan een veldspuit.’’
Daar komt volgens de loonwerker nog bij dat het werken met een spotsprayer ook wat extra vakmanschap vereist. ,,Behalve dat je de werking van de machine moet begrijpen, vergt ook het rijden de nodige concentratie. Onze machine is zes meter breed, dus je rijdt veel meer door het gewas dan met een veldspuit. Zeker in uien kan dat een uitdaging zijn, met name voor de plantjes net naast het rijspoor.’’
‘Mooie aanvulling op veldspuit’
Wat Mantingh betreft is de spotsprayer voorlopig dus vooral een aanvulling op de veldspuit. ,,Maar wél een hele mooie aanvulling, waarmee je met véél lagere doseringen toekunt’’, zo benadrukt hij graag. ,,In vergelijking met de eerder genoemde kappenspuit ligt de dosering gemiddeld een factor tien lager. In plaats van 3 liter Roundup per hectare in de rij, spuiten we met de spotsprayer gemiddeld 0,3 liter per hectare over het hele veld. Voor andere middelen zoals Starane, Basagran en Lentagran, geldt min of meer hetzelfde; je kunt er heel veel middel mee besparen.’’
Gevraagd of hij de machine opnieuw zou aanschaffen, is het antwoord dan ook volmondig: ja. ,,Zoals eerder gezegd vind ik het een zeer boeiende, innovatieve techniek waar we heel veel van geleerd hebben. Bovendien hebben precisie-technieken de toekomst; die moet je in mijn ogen ook een kans geven om door te ontwikkelen. Wel zou ik dan graag een spotsprayer met een grote werkbreedte willen hebben, bijvoorbeeld eentje van twaalf meter. Als die er komt, dan ben ik zeker geïnteresseerd’’, zo besluit Mantingh.