Meeldauw blijft een vaste spelbreker in veel teelten, buiten én onder glas. Maar wie ‘meeldauw’ als één ziekte benadert, loopt in de praktijk al snel achter de feiten aan. Valse meeldauw en echte meeldauw lijken qua naam op elkaar, maar verschillen sterk in biologie, infectiemoment en aanpak. Juist nu de speelruimte kleiner wordt moet je eerst bepalen of je met valse of echte meeldauw te maken hebt, dán de strategie kiezen.

Bremia in sla (Valse Meeldauw) vergevorderd
Valse meeldauw: vooral risico bij bladnat en hoge RV
Familie: Peronosporaceae
Valse meeldauw wordt veroorzaakt door oömyceten (waterschimmels) uit de familie Peronosporaceae. Typisch is dat de aantasting vaak aan de onderkant van het blad zit.
In de praktijk is valse meeldauw sterk gekoppeld aan hoge luchtvochtigheid, dauw/condens en bladnat; bij sla en ui wordt expliciet genoemd dat langdurige bladnatperiodes, een hoge RV en vochtig weer het risico verhogen.
Praktijkvoorbeelden (valse meeldauw)

Sla (Lactuca sativa) – valse meeldauw door Bremia lactucae (Peronosporaceae).

Kasroos (Rosaceae) – valse meeldauw door Peronospora sparsa (Peronosporaceae).

Ui (Allium cepa) – valse meeldauw door Peronospora destructor (Peronosporaceae).
Echte meeldauw: zichtbaar, snel en niet afhankelijk van vrij water
Familie: Erysiphaceae
Echte meeldauw wordt veroorzaakt door schimmels uit de familie Erysiphaceae en is herkenbaar aan de witte, poederachtige aanslag (mycelium en conidia) die op het blad zichtbaar is.
Belangrijk voor de praktijk: echte meeldauw heeft geen vrij water nodig; bij komkommerachtigen kunnen infecties optreden onder relatief droge omstandigheden, terwijl dichte gewassen/laag licht en geschikte temperaturen de ontwikkeling versnellen.
Praktijkvoorbeelden (echte meeldauw)

Appel (Malus spp.) – echte meeldauw door Podosphaera leucotricha (Erysiphaceae).
.

Aardbei (Fragaria × ananassa) – echte meeldauw door Podosphaera aphanis (Erysiphaceae), ook bekend onder de oudere naam Sphaerotheca macularis.

Komkommerachtigen – echte meeldauw door Podosphaera xanthii (Erysiphaceae).
Kasroos (Rosa × hybrida) – echte meeldauw door Podosphaera pannosa (Erysiphaceae).
.
Klimaat stuurt de verspreiding
Klimaat bepaalt vooral (1) wanneer infectie kan plaatsvinden en (2) hoe snel de ziekte cyclisch kan doorpakken.
Valse meeldauw (Peronosporaceae): “bladnat is de aan/uit-knop”
- Hoge RV + bladnat (dauw, regen, condens, bovenlangs beregenen) vergroten de infectiekans; bij sla en ui worden langdurige bladnatperiodes en vochtig weer met een hoge RV expliciet als bevorderend genoemd.
- Gematigde temperatuur en vochtig weer zorgt ervoor dat valse meeldauw kan sporuleren en nieuwe infecties op gang komen. De incubatieperiode kan wel 14 dagen zijn.
- In de kas is condens (natte nachten) vaak de trigger: zodra het blad lang nat blijft, schiet het risico omhoog.
Echte meeldauw (Erysiphaceae): “microklimaat in het gewas is de motor”
- Echte meeldauw heeft geen vrij water nodig en kan dus ook in drogere perioden blijven doorlopen; bij komkommerachtigen kunnen infecties optreden bij relatief lage RV, terwijl dichte gewassen en weinig licht de ziekte ondersteunen.
- Gematigde temperaturen en een groeizaam, dicht gewas versnellen de opbouw; in aardbei zien we dat de ziekte zich ontwikkelt onder gunstige temperaturen en luchtvochtigheid, met snelle verspreiding via conidia.
- Verspreiding gebeurt vooral via luchtgedragen sporen/conidia: bij appel wordt secundaire infectie expliciet gekoppeld aan windgedragen sporen die op jong blad landen.
Maak van diagnose je standaard—dan blijft meeldauw een probleem dat je vóór bent.
Zie je problemen na natte nachten/condens → denk eerst aan valse meeldauw.
Zie je bij “droog” weer toch snel witte aanslag en opbouw in een dicht gewas → echte meeldauw is waarschijnlijker.
Snelle diagnose in de praktijk: drie checks die werken
1: Was er bladnat/condens?
- Ja: valse meeldauw ligt voor de hand.
- Nee / relatief droog: echte meeldauw is waarschijnlijker.
2: Wat zie je?
- Wit poederig op blad/stengel/knop: past bij echte meeldauw (Erysiphaceae).
- ‘Downy’ sporulatie (vaak onderzijde) + bovenzijde vlekken/vergeling: past vaker bij valse meeldauw (Peronosporaceae).
3: Past het bij het gewas?
- Ui: valse meeldauw door Peronospora destructor.
- Appel: echte meeldauw door Podosphaera leucotricha.
- Aardbei: echte meeldauw door Podosphaera aphanis.
- Kasroos: echte meeldauw door Podosphaera pannosa.
Conclusie
Valse en echte meeldauw lijken op elkaar, maar vragen een andere aanpak: valse meeldauw hangt samen met bladnat/condens, echte meeldauw kan ook bij droger weer doorzetten en geeft witte poederige aanslag.
Wie meeldauw “op gevoel” bestrijdt, bestrijdt vaak de verkeerde tegenstander. Kijk eerst naar bladnat, symptoombeeld en gewas—en kies dan pas je maatregel. In een tijd van minder middelen is één stap het meest winstgevend: eerst labelen, dan handelen.
