Terug
'Alles draait hier om het leveren van topkwaliteit'
Volgende
'Er kan veel zonder chemie, maar helemaal zonder gaat het niet'
sluiten

Aardbei Koerier 2021

'Bestuiving door bijen geeft betere vruchtkwaliteit'

Mario Coremans uit Rijsbergen (N-Br.) is gespecialiseerd in de bestuiving van kasaardbeien. In tien jaar tijd is de jonge ondernemer gegroeid van 'een paar bijenkasten voor de hobby' naar een bedrijf met 600 bijenvolken waarmee hij naar eigen zeggen een kwart van alle kasaardbeientelers in Nederland bediend. ,,Bestuiving door bijen zorgt voor een betere vruchtzetting en dus een betere vruchtkwaliteit'', zo is zijn stellige overtuiging.

Mario Coremans uit Rijsbergen (N-Br.) is professioneel imker. Hij beschikt over ca. 600 bijenvolken die hij hoofdzakelijk inzet voor bestuiving van kasaardbeien. Zijn werkgebied omvat Zuid- en Midden-Nederland en een deel van Vlaanderen.

,,Het voorjaarswerk in de aardbeienkassen is eindelijk achter de rug. Nu wordt het tijd om nieuwe volken te maken en de teruggekeerde bijenvolken weer aan te laten sterken.'' Mario Coremans vertelt het met een zucht, want de afgelopen maanden waren drukker dan ooit.

 

Door het koude weer van de afgelopen maanden werd de bloeiperiode van aardbeien flink 'opgerekt' en hadden de bijen langer nodig om alle bloemen goed te bestuiven. ,,Normaal zetten we eind februari de eerste bijenkasten tussen de aardbeien en is half mei het grootste werk wel gedaan in de doorteelten. Nu hebben de bijen – en ook ik – twee tot drie weken langer hard moeten werken'', lacht de jonge ondernemer.

Met opa mee

Coremans werd al vroeg door het imkersvak gegrepen. ,,Op mijn twaalfde ging ik al regelmatig met mijn opa mee, die hobby-imker was. Daar is denk ik de kiem gelegd'', zo blikt hij terug. Daarna ging het snel. Op z'n vijftiende verhuurde hij zijn eerste volken bij een aardbeienteler in de buurt, waarna er steeds een paar klanten bijkwamen. In het derde jaar van de HAS – Coremans had inmiddels180 bijenvolken – nam hij het besluit om van zijn hobby z'n werk te maken. Via crowdfunding en wat hulp van de bank kreeg hij de financiering rond om verder te professionaliseren. ,,Ik heb toen 220 nieuwe bijenkasten laten maken door een timmerman. Die beslissing is denk ik wel een keerpunt geweest; daarna ben ik er volle bak voor gegaan.''


De afgelopen jaren stak de jonge ondernemer veel tijd en energie in het werven van nieuwe klanten. ,,Beste spannend. Ik ben regelmatig met knikkende knieën van huis gegaan'', zo durft hij wel te bekennen. Inmiddels bedient hij met 600 bijenvolken zo'n kwart van alle kasaardbeientelers in Nederland. ,,En daar zitten zowel kleine familiebedrijven met 2 hectare als grote commerciële bedrijven met 25 hectare bij – van diep in Vlaanderen tot aan Emmeloord'', zo vertelt hij niet geheel zonder trots.

Focus sterk op aardbeien gericht

Hoewel hij ook nog een aantal kasten wegzet bij kleinfruittelers (bes, framboos, braam), focust Coremans sterk op de aardbeienteelt. ,,Daar zit 85 tot 90 procent van mijn werk.'' Ook benadrukt hij dat de productie van honing geen enkele rol speelt binnen zijn bedrijf; alles draait om een optimale bestuiving van de planten.


Voor een goede bestuiving van kasaardbeien zijn in het voorjaar gemiddeld 4 volken (van elk 30.000 tot 40.000 bijen) per hectare nodig. Deze verblijven doorgaans zo'n 6 tot 8 weken in de kas. ,,Omdat aardbeienplanten maar heel weinig voeding bieden voor de bijen, is het een behoorlijke uitputtingsslag voor de volken en wordt er bovendien nauwelijks voor nageslacht gezorgd. Van elke 100 uitgezette bijen blijven er uiteindelijk zo'n 20 over. Die lap ik vervolgens weer op tot een sterk en weerbaar volk'', zo legt Coremans uit. Waar collega-imkers vaak werken met de bekende Buckfast-honingbij, werkt Coremans met Carnica-honingbij. ,,Deze zijn wat minder op honingdracht, en wat meer op bestuiving gericht. Bovendien komen ze in het vroege voorjaar ook een paar weken eerder op gang en zijn ze wat vriendelijker. Juist deze eigenschappen passen heel goed bij bestuiving in kassen.''

Begin juni is het voorjaarswerk in aardbeien grotendeels achter de rug en krijgen de bijenvolken de tijd om weer op krachten te komen. Coremans beschikt over een aantal voedselrijke plekken waar hij zijn kasten neer kan zetten, zoals hier langs een bosrand.

Investeren in kwaliteit

Behalve op eigenschappen die een goede bestuiving garanderen, selecteert Coremans zijn volken ook op vriendelijkheid en een goede energiebalans, waardoor ze het zo lang mogelijk volhouden in de kas. ,,Ik heb liever duurlopers dan sprinters. Bijen hoeven hun werk niet zozeer snel te doen, als ze het maar goed doen.'' Hiermee tipt hij ook meteen het grootste verschil aan met de belangrijkste 'concurrent' van de bijen: de hommel. ,,Hommels vliegen doorgaans wat intensiever dan bijen. Dat biedt weliswaar de zekerheid dat veel planten bestoven worden, maar het levert ook meer schade op door overbevlieging. Hommel doen hun werk zogezegd wat ruwer en onnauwkeuriger dan bijen, waardoor het vruchtbeginsel schade op kan lopen. Bij bestuiving door bijen ligt het percentage misvormingen zo'n 6 tot 14 procent lager, zo weten we inmiddels uit ervaring. Of anders gezegd: door bestuiving met bijen investeer je in kwaliteit en pluk je beduidend meer klasse I'', aldus Coremans.

Bijenkasten kunnen het beste in het gangpad iets boven gewashoogte worden geplaatst. Hierdoor zijn de bijen dichtbij hun 'werk' en kunnen ze hun kast makkelijk terugvinden. Door de ingang op het zuidoosten te richten – daar waar de zon opkomt – zijn ze 's morgens wat eerder actief.

Ruimte voor groei

Hoewel de ondernemer zijn handen inmiddels vol heeft aan de 600 bijenvolken, is de groei is er nog niet uit en komen er volgend seizoen opnieuw honderd volken erbij. ,,Die groei is geen doel op zich, maar wel nodig om een volwaardige boterham uit het bedrijf te halen'', zo benadrukt hij de 'dunne marges' van het beroep. Ook biedt bedrijfsvergroting de mogelijkheid om te investeren in arbeidsverlichting en efficiëntere arbeidsmethoden. ,,Dan krijg ik zelf wat meer ruimte om bedrijven te bezoeken die nog geen bijen inzetten in hun kas.'' Van knikkende knieën is intussen geen sprake meer. ,,Ik heb veel bedrijven kunnen overtuigen dat de inzet van bijen de kwaliteit en dus ook het bedrijfsresultaat verbetert. Daar kunnen er nog wel een paar bij'', zo besluit hij met een glimlach.

+Colofon